Meetkunde oefenen
Wat is meetkunde op de basisschool? Hier lees je wat een kind in welke groep leert, van blokken nabouwen tot een plattegrond met vakken. Ook waar het vaak misgaat en hoe je thuis oefent. Met een bouwsel om zelf te bouwen en rond te kijken, vijf werkbladen om te printen en het spel Bouwmeester.
- Groep 3 tot en met 6
- Vijf werkbladen
- Geen reclame, geen account
Bouw en kijk
Plattegrond
Van voren
8 blokken. Van voren zie je 6 vakjes.
Van opzij is hier van rechts: links in het plaatje is de voorkant.
Tik op een vak: er komt een blok bij. Bij 3 begint het weer bij 0.
In welke groep leer je meetkunde?
Meetkunde gaat over ruimte en vormen: bouwen, kijken, spiegelen en de weg vinden op een kaart. Het begint in groep 3 met blokken nabouwen en wordt in groep 6 een plattegrond op schaal. Elke stap bouwt voort op de vorige.
Groep 3
Blokken nabouwen
Een kind bouwt een wat groter blokkenbouwsel na van een tekening. Dat is lastiger dan het lijkt: sommige blokken staan achter of onder andere blokken.
Groep 3
Van een andere kant kijken
Hoe ziet iets eruit van bovenaf, of als je hoger of lager staat? Een kind volgt ook een route op een eenvoudige plattegrond, zoals door de school.
Groep 4
Voor-, zij- en bovenaanzicht
Een kind herkent hoe een bouwsel eruitziet van voren, van opzij en van boven. Het bedenkt ook wat iemand wel of niet ziet vanaf een bepaalde plek.
Groep 4
Spiegelbeeld en bouwplaten
Een kind tekent het spiegelbeeld van een eenvoudig patroon of figuur. Het herkent bouwplaten van een kubus, balk of piramide, en maakt een doosje van een bouwplaat.
Groep 5
Symmetrie en de spiegelas
Een kind kent de woorden symmetrisch en spiegelas. Waar kun je een lijn trekken door een vlinder, zodat je aan beide kanten precies hetzelfde ziet?
Groep 5
Tangram en routes
Een kind legt een figuur na met tangram en bedenkt welke kanten van een bouwplaat tegen elkaar komen. Met een kaart beschrijft het een route van A naar B.
- C4
Groep 6
Plattegrond, schaal en vakken
Een kind legt uit wat het betekent dat een plattegrond op schaal is, gebruikt de legenda en vindt een plek met een rooster: de Domtoren ligt in vak C5. De windrichtingen komen erbij.
Groep 6
Hoogtegetallen en vlakvulling
Een kind maakt van een blokkenbouwsel een plattegrond met hoogtegetallen, en bouwt het andersom na. Het ontwerpt ook een symmetrisch patroon en een vlakvulling.
Deze volgorde komt uit de tussendoelen rekenen-wiskunde van SLO, het nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling (versie 2017). Elke school en elke rekenmethode kiest een eigen tempo. In groep 7 volgen onder meer puntsymmetrie, kijklijnen en de woorden horizontaal, verticaal en diagonaal.
Blokkenbouwsels: nabouwen en tellen
Een blokkenbouwsel is een bouwwerk van blokken, echt of getekend. Nabouwen lijkt makkelijk, maar een tekening laat niet alles zien.
Tel de blokken in dit bouwsel. Je ziet er 8, maar het zijn er 9. De hoge toren heeft 3 blokken, en je ziet er maar 2: het onderste staat verstopt achter de toren ervoor.
Wie telt, moet dus ook nadenken over wat je niet ziet. Met echte blokken kun je het nakijken: bouw het na en tel.
Aanzichten: van voren, van opzij en van boven
Een aanzicht is hoe een bouwsel eruitziet als je er recht op kijkt. Van voren zie je van elke kolom alleen de hoogste toren. Van boven zie je welke vakjes bezet zijn, maar niet hoe hoog.
Van opzij kijk je hier van rechts. Dan staat de voorkant links in het plaatje. Kinderen halen voor- en zijaanzicht vaak door elkaar, of draaien links en rechts om.
- Van voren
- Van opzij (rechts)
- Van boven
Spiegelen: het spiegelbeeld tekenen
Bij spiegelen klapt een figuur om over een lijn: de spiegel. Wat dicht bij de spiegel ligt, ligt in het spiegelbeeld ook dicht bij de spiegel. Wat ver weg ligt, blijft ver weg.
Tel daarom de hokjes vanaf de spiegel. Een veelgemaakte fout is de figuur gewoon opschuiven naar de andere kant. Dan is het geen spiegelbeeld.
Symmetrie en de spiegelas
Een figuur is symmetrisch als je hem zo kunt vouwen dat de twee helften precies op elkaar vallen. De vouwlijn heet de spiegelas of symmetrieas.
Een vierkant heeft 4 spiegelassen, een rechthoek die geen vierkant is 2, een hartje 1. Let op: de schuine lijn van een rechthoek deelt hem wel in twee gelijke stukken, maar is geen spiegelas.
- 4 spiegelassen
- 2 spiegelassen
- 1 spiegelas
Plattegrond: vakken en schaal
Een plattegrond is een tekening van bovenaf. Met een rooster van letters en getallen vind je een plek snel terug. De school staat in vak C4: eerst de letter van de kolom, dan het getal van de rij.
Op schaal betekent: alles is even veel kleiner getekend. Is 1 hokje 10 meter, dan is 3 hokjes 30 meter.
- school
- huis
- winkel
- fontein
- boom
Plattegrond met hoogtegetallen
Bij een blokkenbouwsel maak je een plattegrond met hoogtegetallen: je tekent het bouwsel van boven en zet in elk vakje hoeveel blokken er op elkaar staan. De voorkant zit onderaan.
Dit is hetzelfde bouwsel als bovenaan de pagina. Op de plattegrond zie je wél dat de hoge toren 3 blokken heeft. Andersom kan ook: bouw het na vanaf de getallen. Dit leert een kind in groep 6.
Vijf vergissingen om op te letten
Deze vergissingen zitten als foute keuzes in Bouwmeester, zodat een kind ze leert zien.
Verstopte blokken vergeten
Kinderen tellen alleen wat ze zien. Of ze tellen alleen de bovenkanten, en dat is het aantal torens. Vraag: staat er iets achter of onder?
Voor en opzij door elkaar
Het zijaanzicht wordt voor het vooraanzicht aangezien, of links en rechts zijn omgedraaid. Laat je kind echt door de knieën gaan en kijken: wat zie ik nu?
Opschuiven in plaats van spiegelen
De figuur gaat gewoon naar de andere kant van de spiegel. Tel de hokjes vanaf de spiegel: wat links het dichtst bij de spiegel ligt, ligt rechts ook het dichtst bij de spiegel.
Elke lijn door het midden een spiegelas
Een lijn die een figuur in twee gelijke stukken deelt, is niet altijd een spiegelas. De schuine lijn van een rechthoek is het bekendste voorbeeld: vouw maar, de helften vallen niet op elkaar.
Letter en getal omgedraaid
C4 wordt dan D3. Spreek af: eerst de letter, dan het getal. Bij afstanden op schaal vergeten kinderen ook vaak de schaal, en noemen ze het aantal hokjes als meters.
Zo oefen je thuis
Meetkunde oefen je met je handen en je ogen. Daar heb je niet veel voor nodig: blokken, een spiegel, papier en een kaart.
Bouwen en nabouwen
Bouw met blokken of Lego iets kleins en laat je kind het nabouwen. Daarna andersom: jij bouwt na wat je kind maakte.
Rondlopen en kijken
Zet een bouwsel op tafel en vraag: hoe ziet het eruit als je ervoor zit, ernaast, of erboven staat? Laat je kind echt gaan kijken.
Met een spiegel
Zet een zakspiegel rechtop op een tekening. Wat zie je? Zo zie je hoe spiegelen werkt, en of een figuur symmetrisch is.
Vouwen en knippen
Vouw een papier dubbel en knip een halve vorm uit. Vouw open: een symmetrische figuur, met de vouw als spiegelas.
Kaart lezen
Zoek samen op een kaart met vakken, zoals een plattegrond van de stad, een plek op. In welk vak staat het station?
Kort en vaak
Liever elke dag vijf minuten dan één keer per week een uur. Stop als het nog leuk is.
Werkbladen meetkunde om te printen
Vijf werkbladen, van blokken tellen tot een plattegrond met hoogtegetallen. Elk werkblad past op één A4. De antwoorden staan onderaan, op zijn kop.
Blokken tellenGroep 3
Meetkunde: Blokken tellen
Naam:
1. Hoeveel blokken zijn het? Denk ook aan blokken die je niet ziet.
- blokken
- blokken
- blokken
- blokken
- blokken
- blokken
- blokken
- blokken
2. Een vogel kijkt van boven. Kleur wat hij ziet.
Antwoorden: 1: 3, 3, 3, 5, 5, 5, 6, 8
kiendoo.com/meetkunde/
AanzichtenGroep 4
Meetkunde: Aanzichten
Naam:
1. Van welke kant kijk je? Schrijf erbij: voor, opzij of boven. Opzij is van rechts.
- a
- b
- c
- a
- b
- c
- a
- b
- c
2. Kleur het vooraanzicht.
Antwoorden: 1: a boven, b opzij, c voor; a voor, b opzij, c boven; a voor, b boven, c opzij · 2: 2, 1 en 3 hoog; 3, 2 en 1 hoog; 1, 3 en 2 hoog
kiendoo.com/meetkunde/
Spiegelen op ruitjespapierGroep 4
Meetkunde: Spiegelen op ruitjespapier
Naam:
1. Kleur het spiegelbeeld. De stippellijn is de spiegel.
2. Goed gespiegeld? Zet een kring om goed of fout.
- goedfout
- goedfout
- goedfout
- goedfout
Antwoorden: 2: goed, fout, fout, goed
kiendoo.com/meetkunde/
Symmetrie en spiegelassenGroep 5
Meetkunde: Symmetrie en spiegelassen
Naam:
1. Teken alle spiegelassen. Hoeveel zijn het?
- Aantal:
- Aantal:
- Aantal:
- Aantal:
- Aantal:
- Aantal:
- Aantal:
- Aantal:
2. Is de stippellijn een spiegelas? Zet een kring om ja of nee.
- janee
- janee
- janee
- janee
- janee
- janee
Antwoorden: 1: 2, 3, 2, 6, 0, 4, 1, 1 · 2: nee, ja, ja, nee, nee, ja
kiendoo.com/meetkunde/
Plattegrond en hoogtegetallenGroep 6
Meetkunde: Plattegrond en hoogtegetallen
Naam:
1. In welk vak staat het?
- school
- huis
- fontein
- winkel
- boom
- de school:
- het huis:
- de fontein:
- de winkel:
2. 1 hokje is 10 meter. Hoe ver is het? Tel van vak naar vak.
- Van de school naar de boom in F4: m
- Van de fontein naar de winkel: m
- Van het huis naar de boom in B3: m
3. Schrijf de hoogtegetallen in de plattegrond.
Antwoorden: 1: C4, B1, E1, E5 · 2: 30 m, 40 m, 20 m · 3: achter 1 0 3, voor 2 1 0; achter 0 3 0, voor 1 2 1
kiendoo.com/meetkunde/
Speel Bouwmeester
In Bouwmeester bouwt een kind huizen, torens en kastelen voor de dieren in het dorp. Groep 3 bouwt in Blokkendorp na wat op de tekening staat. Groep 4 kijkt op de Kijkheuvel van voren, opzij en boven, en spiegelt op ruitjespapier. Groep 5 maakt in Spiegelstad een gevel en een kasteel symmetrisch. En groep 6 zoekt in Kaartstad vakken als C4, meet op schaal en maakt een plattegrond met hoogtegetallen.
Gaat het mis, dan laat het spel zien waarom: blokken die missen staan gestippeld, blokken die te veel zijn kleuren rood. Zonder reclame en zonder account; de voortgang blijft op je eigen apparaat.
Nabouwen en tellen
Bouw het huis van de tekening na op de bouwplaat. Hoeveel blokken zijn het? Denk ook aan de blokken die je niet ziet.
Rondkijken en spiegelen
Wat ziet de bewoner van voren, van opzij of van boven? Kleur het spiegelbeeld, of maak de gevel symmetrisch.
Op de kaart
Zet de school op C4. Hoe ver is het van de school naar het museum, als 1 hokje 20 meter is?
Vragen over meetkunde
Wat is meetkunde op de basisschool?
Meetkunde gaat over ruimte en vormen: bouwen met blokken, kijken van verschillende kanten, spiegelen en symmetrie, bouwplaten en de weg vinden op een plattegrond. Het hoort bij het domein meten en meetkunde van de tussendoelen van SLO.
In welke groep leer je aanzichten?
In groep 4 herkent een kind het voor-, zij- en bovenaanzicht van een bouwsel. In groep 3 is er al een eerste stap: hoe ziet iets eruit van bovenaf? Elke school kiest een eigen tempo.
Wat is een blokkenbouwsel?
Een bouwwerk van blokken, echt of getekend. Kinderen bouwen het na, tellen de blokken en bedenken hoe het eruitziet van voren, van opzij of van boven. In groep 6 maken ze er een plattegrond met hoogtegetallen bij.
Wat is een spiegelas?
De lijn waarover je een figuur kunt vouwen zodat de twee helften precies op elkaar vallen. Een ander woord is symmetrieas. Een vierkant heeft er 4, een rechthoek die geen vierkant is 2 en een hartje 1.
Wat is het verschil tussen spiegelen en symmetrie?
Bij spiegelen maak je van een figuur het spiegelbeeld, aan de andere kant van de spiegel. Een figuur is symmetrisch als hij zelf uit twee spiegelbeelden bestaat: de ene helft is het spiegelbeeld van de andere.
Wat zijn hoogtegetallen?
Getallen op een plattegrond van een blokkenbouwsel. In elk vakje staat hoeveel blokken er op elkaar staan. Zo zie je ook de blokken die op een tekening verstopt staan.
Hoe werkt een plattegrond met vakken, zoals C4?
Boven de kaart staan letters, aan de zijkant getallen. C4 is het vak in kolom C en rij 4: eerst de letter, dan het getal. Dit leert een kind in groep 6, net als werken met een kaart op schaal.
Hoe oefen je meetkunde thuis?
Met blokken of Lego: bouw iets en laat het nabouwen, en vraag hoe het eruitziet van voren, opzij en boven. Of met een zakspiegel, met vouwen en knippen, en met een kaart met vakken. Kort en vaak werkt het best.
Ook oefenen op Kiendoo
- Speel Tafelsafari
Groep 4 en 5
Tafels oefenen
Alle tafels van 1 tot en met 10, met een trucje en een werkblad per tafel.
- Speel Klokkenstation
Groep 3 tot en met 6
Klokkijken
Van hele uren tot de 24-uursklok, met een leerklok en vijf werkbladen.
- Speel Raketbasis
Groep 3 en 4
Splitsen
Splitsingen tot 10, verliefde harten en sommen over het tiental, met een splitsmachine.
- Speel Marktkraam
Groep 3 tot en met 6
Rekenen met geld
Geld tellen, betalen met zo weinig mogelijk munten en wisselgeld teruggeven.
- Speel Pizzeria
Groep 4 tot en met 6
Breuken oefenen
Van de helft en een kwart tot teller en noemer, met een pizza om zelf te snijden.
- Speel Sportdag
Groep 3 tot en met 6
Meten oefenen
Van meten met voetjes tot meter en centimeter, omtrek en oppervlakte, met een grasveld om zelf te maken.